Hersenspinsels in de vorm van korte verhalen, gedichten of zwaar incomplete romans

Alfons

Door NoUseWhatsoever op dinsdag 4 maart 2014 15:34 - Reacties (3)
Categorie: Uit de losse pols, Views: 2.644

Eerste post in nieuwe categorie: "Uit de losse pols". Af en toe vind ik het prettig een braindump te doen in de vorm van een kort verhaal, gedicht of begin van een groter verhaal.

______________________________________________________________


Niet zelden, echter net wat minder vaak dan elke dag, ging Alfons Heronimus Achterzak naar Jazz en Juice; de plaatselijke geitenwollen-sokken bar. Hij ging niet voor de sapjes - een Bloody Mary kon je er gelukkig ook krijgen - en ook kwam hij niet voor de wooby-dooby muziek. Het liefst ging Alfons naar Jazz and Juice om een goed gevoel te krijgen over wie hij was als mens. De veganistische dreadlocks en activistenslippers ter plaatsen brachten zulk medelijden naar boven, dat hij zijn eeuwige werkloosheid, eenzaamheid en onkunde in de schaduw gezet zag staan.

Aan de kleine bar met 2 taps van hetzelfde bier, zit Alfons op de meest rechtse van 3 barkruks. De verschillende groepjes hippies zitten verdeeld over de kleine kamer aan de goedkope houten tafeltjes. In totaal zitten er rond de dertig man in de kroeg, maar rumoerig is het niet. De hippies drinken niet of nauwelijks alcohol, en praten vooral zacht en om de beurt. Het doet heel beschaafd aan, maar gezellig is het er nooit. Zo kan Alfons wel vaak de gesprekken volgen die door het hele café gevoerd worden en kan hij het niet helpen af en toe gniffelend van spot zich in zijn glas te moeten verbergen.

Terwijl hij zijn drankje verrijkt met een drupje tabasco en apathisch aan de selderij kauwt, komt een vrouw van begin twintig naast hem aan de bar zitten. Er is bij haar geen spoor van hippieďsme te bekennen en ze draagt zelfs wat lichte make-up. Terwijl ze over de bar buigt om de barman aan te spreken, krijgt Alfons de gelegenheid om haar lichaam in profiel goed te bekijken. De ietwat mollige en korte vooroverbuigende gedaante, gehuld in een strak zwart jurkje, doet bijna schattig aan en Alfons is ineens vol van besef dat hij al twee dagen niet gedouched heeft. De vrouw en de barman wisselen enkele woorden en zonder verder oponthoud loopt ze de bar weer uit. Ze was hier inderdaad ook echt niet op haar plek. Ze heeft zich vast vergist en was op zoek naar Jazz en Jizz; de swingers club van het dorp.

Alfons gaat weer rechtop zitten, aangezien hij nog steeds zijn ogen gericht had op de deur waar de vrouw een minuut geleden door vertrok. Uit zijn meimeren over een beter leven ontwakend, ruikt hij aan zichzelf en moet toegeven dat er ruimte is voor verbetering. Na nog een slok van zijn Bloody Mary kijkt hij ook eens in de spiegel boven de plank met likeur achter de bar. Een ongeschoren man met vermoeide ogen en een glanzende neus kijkt terug. Zijn haar is vettig, halflang en te krullend voor de kleine hoeveelheid die nog over is. De donkere verkleuring onder zijn ogen laten hem er minstens 10 jaar ouder uit zien dan de 36 jaar die hij is. Binnen een paar seconden gaat Alfons van het voornemen tot het beteren van zijn leven, naar realisatie van de huidige situatie waardoor hij uiteindelijk weer bij de vertrouwde wanhoop en zelfhaat uitkomt. "Dan nog maar een bier en naar huis", denkt Alfons.

Tijdens de wandeling van ongeveer een kwartier naar zijn kleine apartement ontdekt Alfons dat hij best nog wat meer had kunnen drinken. "Morgen gelukkig genoeg kans om in te halen", zegt Alfons hardop terwijl hij over de donkere straat slentert. Vanuit een nabij steegje hoort hij gekerm en gestommel komen. Ondanks zijn afkomst van een lange lijn lafaards, waagt hij toch een kijkje te nemen om de hoek van de steeg. In het pikdonkere steegje is op de 4e etage nog een licht aan binnen een apartement. Daardoor kan hij net de jongedame uit het café zien. Ze staat op haar tenen met haar handen tegen de muur, terwijl ze door een ongure man in een bruine leren regenjas van achter wordt genomen. De man beukt op haar in en de vrouw schokt hevig bij elke inslag. Ze kermt luid en Alfons vermoedt dat ze haar genoegen uitschreeuwt, maar weet het niet zeker. Alfons blijft in het donker naar het tafareel kijken totdat een halve minuut later een laatste beuk wordt gegeven en een laatste gil van de vrouw klinkt. Zonder verder te spreken trekt de man zijn broek op en schikt hij zijn regenjas. De vrouw rolt haar jurkje naar beneden en draait zich om naar de man in de bruine jas. Ze ontvangt van hem een klein papier envelopje en plaatst die in haar BH. De man vertrekt het steegje in en de vrouw draait zich in de richting van Alfons en begint de lopen; de eerste paar stappen moeilijk, maar daarna volgt een heupwiegend uiterst vrouwelijk loopje.

Alfons pakt snel zijn telefoon uit zijn zak en doet net alsof hij druk aan typen is. Uit zijn ooghoeken ziet hij de donkere zandlopergedaante steeds dichterbij komen. Wanneer de vrouw uit de steeg loopt, slaat ze rechtsaf zonder aandacht aan Alfons te besteden. De man met de regenjas heeft de steeg inmiddels via de achterkant verlaten en Alfons slaat een zucht van opluchting. De opluchting maakt snel plaats voor opwinding wanneer hij zich beseft dat hij de vrouw wil volgen om meer van haar te weten te komen. Hij stopt zijn telefoon weg en begint langzaam achter de vrouw aan te lopen. Alfons volgt haar de eerste honderd meter op zijn tenen lopend op een afstand van 20 meter, maar hij houdt daarna wat meer afstand en loopt wat natuurlijker.Na een wandeling van ongeveer 10 minuten over dezelfde straat, steekt de vrouw de straat over en loopt een kleine straat in. Alfons wacht aan de andere kant van de straat en haalt weer zijn telefoon tevoorschijn om "onopvallend" op zijn telefoon te gaan werken.

Alfons kijkt op van zijn telefoon en ziet dat de vrouw een deur in de straat opent en er binnengaat. Na het dichtslaan van de deur loopt Alfons de straat in om te zien waar de vrouw is binnengegaan. De straat is smal en de muren bestaan uit achteringangen van gebouwen van 2 verdiepingen. Veel gebouwen hebben metalen trappen naar de eerste verdieping en het lijkt er op dat het allemaal individuele kleine appartementen zijn. De deur waar de vrouw binnenging is van hout met afgebladderde groene verf.Er zit een kijkgaatje in dus Alfons durft niet te blijven staan om het gebouw verder te bekijken. Wel valt het hem op dat dit één van de weinige gebouwen is zonder trap naar boven, maar aan deze kant zitten ook nergens ramen in. Anton loopt door en verlaat de straat aan de andere kant waarna hij 3 keer rechtsaf slaat om weer op dezelfde plek uit te komen waar hij de straat had overgestoken. Hij kijkt de straat in en zoekt naar een bord met een straatnaam, maar ziet er geen. Dan haalt hij nu voor de eerste keer die avond zijn telefoon uit zijn zak om er daadwerkelijk iets mee te doen. Alfons plaatst een prikker op zijn digitale kaart voor zijn huidige locatie met het voornemen later terug te komen om het verder te onderzoeken.

Nog vol van opwinding en de beelden van het tafereel in het steegje vers in zijn gedachten, slentert Alfons terug naar huis. In 20 minuten rookt hij 3 sigaretten en neemt zichzelf meermaals het voornemen om voor het eind van de week in ieder geval de naam van de vrouw achterhaald te hebben. Hij vraagt zich daarbij af waarom hij zo geďntrigeerd is door een ogenschijnlijke prostituee, maar antwoord zichzelf telkens dat hij niet kan geloven dat hij getuige was van een simpele seksuele transactie, maar dat hier meer achter moet schuilen en dat hij erachter zal komen wat dat dan is.

Zo verder denkend, opent Alfons zijn deur en loopt hij zonder tussenstop door naar de slaapkamer. Nadat hij zijn jas op de trap heeft uitgedaan en zijn schoenen in de gang naar weerszijden heeft uitgeschopt, gaat hij in de slaapkamer aangekleed op zijn zij op bed liggen en staart hij naar de klok op zijn nachtkastje."Bijna half twee", zegt Alfons hardop. "Dan zie ik je morgen weer rond deze tijd", zegt hij denkend aan de vrouw en het gebouw waar zij naar binnen ging. "Toch heb ik je nog nooit gezien. Wat doe je hier? Wat doet een jaren 50 seksdiva als jij hier?" Tijdens het praten vallen zijn ogen dicht en valt Alfons in een onrustige slaap.